Erkenning en waardering

We zitten met elkaar al enkele weken diep in de coronacrisis en voelen allemaal, overal, de ingrijpende gevolgen die dat met zich meebrengt. Gezondheid en het indammen van het virus staan in de aanpak natuurlijk op één.
Als we kijken naar onze economie, dan liggen sommige sectoren bijna of volledig stil, terwijl andere – met alle noodzakelijke beperkingen die er zijn – zo goed en kwaad als het kan proberen door te gaan, op een veilige manier.

Je zou bijna vergeten dat er ook nog andere onderwerpen spelen dan corona, want dat overheerst momenteel natuurlijk alles. Maar zelfs midden in deze crisis, blijft het ook belangrijk om naar de toekomst te kijken. In dit geval: naar vakmanschap en het enorme belang van goed opgeleide vakmensen. Dat belang zien we ook in deze moeilijke tijd. Kijk alleen maar naar de zorg, waar letterlijk overuren worden gedraaid en het tekort aan ‘professionals aan het bed’ zich laat voelen.

Vakmensen zijn onmisbaar. Juist beroepen waar mbo-geschoolde mensen voor nodig zijn, vormen de ruggengraat van onze samenleving. We hebben niet méér hoger opgeleide mensen nodig, maar juist echte vakmensen. En zeker in het mkb. Alle inspanningen ten spijt lukt het ons nog niet om het tij echt te keren.

Vakmanschap begint bij het besef dat ambitie iets anders is dan alleen maar ‘hoger en hoger’. Ambitie is ook passie voor je vak, het benutten van je talenten – op welk niveau dan ook –  en daarin steeds beter willen worden. Bovendien zijn een studie op hbo- of wo-niveau niet zaligmakend of een garantie op succes. Juist vakmensen op mbo-niveau hebben een lonkend toekomstperspectief, want om hen zitten werkgevers – straks weer – te springen.

In de kern gaat het om de waardering van wat je doet, je vakmanschap. Zolang we een meester in de rechten – in welke functie die ook terechtkomt – maatschappelijk hoger blijven aanslaan dan een geweldig goede meester-meubelmaker of meester-kok, doen we het wat mij betreft niet goed. En iedereen moet beseffen dat we bepaalde vakken en beroepen waar we nu soms nog vrij achteloos over doen, helemaal niet kunnen missen.

Waardering, uitdaging, vakmanschap, het komt allemaal bij elkaar in een instrument dat ik een warm hart toedraag: vakwedstrijden. Waar jonge vakmensen in de dop zich uit de naad werken en het – internationaal – tegen elkaar opnemen om beter te worden. Wat een power straalt daar van af. En wat een beroepseer. Als bedrijfsleven mogen we daar heel blij mee zijn. Dit zijn de jongens en meisjes die – hopelijk – straks in onze bedrijven hun talenten inzetten en zich verder gaan bekwamen.

MKB-Nederland ondersteunt de Nederlandse kandidatuur voor EuroSkills 2024 dan ook van harte. Het lijkt me prachtig om de internationale strijd tussen aanstormend vaktalent van dichtbij te kunnen aanschouwen. En het is bovenal een mooi aanknopingspunt om het vakmanschap in eigen land vol in de spotlights te zetten. Want dat verdient het.

Jacco Vonhof
voorzitter MKB-Nederland